Oorzaken

Naargelang de oorzaak bestaan er verschillende soorten pulmonale hypertensie (PH):

1. Pulmonale arteriële hypertensie (PAH)

Bij PH worden de bloedvaten te nauw en kunnen ze zelfs verstopt geraken. Door een beschadiging van de oppervlakkige laag van de vaten vermenigvuldigen de spiervezels in de wand van de bloedvaten zich. Hierdoor blijven de bloedplaatjes aan de beschadigde oppervlakkige laag kleven en vernauwen de bloedvaten. Medisch gezien wordt het evenwicht verstoord tussen bepaalde stoffen die de bloedvaten vernauwen (een overschot aan endotheline) en bepaalde stoffen die de bloedvaten verwijden (tekort aan prostacycline of stikstofmonoxide). De huidige, algemene verklaring is dat de combinatie van erfelijke aanleg en een uitlokkende factor deze PH kan veroorzaken.

De druk in de longaders neemt toe omdat de kleine longslagaders vernauwen. Dit kan gebeuren bij patiënten met:

1.1.Idiopatische pulmonale hypertensie

Als men geen specifieke oorzaak kan vinden, spreekt men van idiopatische PAH. Vroeger werd dit primaire pulmonale hypertensie (PPH) genoemd, naast de secundaire PH die het gevolg was van een gekende oorzaak. Het is duidelijk dat op het vlak van idiopatische PH er nog veel onderzoek dient te gebeuren.

1.2. Erfelijke aanleg

Bij minstens 6% van de patiënten met primaire PH (=idiopatische PAH) stelt men een familiaal verband vast. In families die erfelijk belast zijn met de aandoening wordt meestal 10 tot 20 % van de leden ziek.

Bij recent DNA-onderzoek werden er fouten waargenomen aan het gen van de ‘bone morphogenetic protein receptor 2’ (BMPR2). Deze mutatie van een stuk van het erfelijk materiaal werd teruggevonden bij 60 procent van de patiënten met een familiaal verhaal van primaire PH, bij 25 procent van de geïsoleerde patiënten met primaire PH, en tot nu toe nog niet bij de patiënten met secundaire PH.
1.3. Bindweefselziekten

PH ontstaat bij 10 tot 15 % van de sclerodermie-patiënten. Sclerodermie is een bindweefselziekte die voornamelijk de bloedvaten, de huid en de spieren aantast. Ook bij een aantal patiënten met lupus en reumatoïde artritis wordt PH veroorzaakt door een rechtstreekse aantasting van de longbloedvaten. Lupus erythemadodes is een ziekte waarbij het afweersysteem reageert tegen het eigen lichaam en vooral het hart en de longen beschadigt.

1.4. Aangeboren hartafwijkingen

Aangeboren hartafwijkingen met een verbinding (“een gaatje”) tussen de rechter- en de linkerhartkamer kunnen PH veroorzaken. Het bloed gaat door deze verbinding van links naar rechts, waarbij het rechterhart veel meer bloed door de longen moet pompen. Deze verhoogde bloedtoevoer door de longen zal geleidelijk de longvaten beschadigen. Dit kan onopgemerkt verlopen tot wanneer de patiënt volwassen wordt. Dan gaat de pulmonale hypertensie zich duidelijk manifesteren bij 3 tot 50 procent van de patiënten, afhankelijk van het type hartafwijking dat men heeft. Tegenwoordig worden die afwijkingen echter steeds vaker vroegtijdig gecorrigeerd zodat men een negatieve evolutie kan vermijden.

1.5. Levercirrose en portale hypertensie

Bij 1 à 2 procent van de patiënten met levercirrose ontstaat PH. Hoewel men de oorzaak hiervan in feite nog niet kent, wordt wel vermoed dat het komt omdat het bloed, dat via de zieke lever terugkomt van de darmen, onvoldoende ontgift wordt. Bij portale hypertensie stelt men een verhoogde druk vast ter hoogte van de leverpoortader.

1.6. Virale infectieziekten

Ontstekingen die veroorzaakt worden door een virus, bijvoorbeeld HIV, kunnen PH veroorzaken.

1.7. Gebruik van drugs en vermageringspillen

Bepaalde toxische stoffen, drugs en vermageringspillen kunnen verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van PH. Primaire pulmonale hypertensie komt normaal zelden voor (2 gevallen per miljoen inwoners per jaar), maar door de inname van eetlustremmers verhoogt het risico met meer dan 20. Dit betekent dat 1 op 10 000 gebruikers last heeft van pulmonale hypertensie. Na lang aarzelen werden eerst de fenfluramines (1997) en bepaalde amfetaminederivaten (eind 2001) uit de handel genomen. De meest verkochte specialiteiten waren:

  • Atractil: diethylpropion
  • Dietil Retard: amfepramone
  • Fentrate Retard: fenfluramine
  • Ionamin: fentermineresinaat
  • Isomeride: dexfenfluramine
  • Menutil: amfepramone
  • Ponderal Unicaps: fenfluramine
  • Prefamone: amfepramone
  • Tenuate Dospan: amfepramone

De producten die men in België gebruikte, werden meestal door de apotheker bereid op basis van magistrale voorschriften van ‘dieetdokters’. Deze eetlustremmende middelen waren:

  • Amfepramone of diëthylpropion
  • Clobenzorex
  • Fenbutrazaat
  • Fendimetrazine
  • (Dex) – Fenfluramine
  • Fenproponex
  • Fentermine
  • Mazindol
  • Mefenorex
  • Norpseudo-efedrine
  • Propylhexedrine
2. Pulmonale hypertensie ten gevolge van chronische longembolie, waarbij bloedklonters de grote bloedvaten verstoppen (CTEPH)

 

3. Pulmonale veneuze hypertensie ten gevolge van problemen met het linkerhart en de linkerhartklep

 

4. Pulmonale hypertensie ten gevolge van longproblemen met een chronisch zuurstoftekort, zoals chronische luchtwegobstructie (COPD) of longfibrose

Bij de laatste drie soorten is het duidelijk waarom de druk toeneemt: door de embolie, door problemen met het hart of met de longen. Dit is veel minder duidelijk bij de eerste soort, de PAH. Hierrond dient nog veel onderzoek te gebeuren. In België vindt dit plaats in 2 gespecialiseerde centra: in het UZ van Leuven (Gasthuisberg) en in het ULB van Brussel (Erasme).